David Quainoo


Recensie Smart campus tools 2.0

Het boek Smart campus tools 2.0 geeft een duidelijk en helder overzicht van wat er aan smart tools in gebruik is bij de verschillende Nederlandse universiteiten. Naast Nederlandse universiteiten zijn hier ook een aantal buitenlandse universiteiten en internationale bedrijven in meegenomen. Er is gekozen voor organisaties waar de campus een belangrijke rol speelt voor de gebruikers, voor de universiteiten de studenten. Voor het beschrijven van de gebruikte smart tools en de mate waarin deze binnen de verschillende organisaties zijn geïmplementeerd is een standaard format gebruikt. Het format geeft snel een goed beeld en dit maakt daarnaast vergelijken eenvoudig. Naast een overzicht van de gebruikte smart campus tools wordt ook een overzicht gegeven van verschillende oplosrichtingen, zoals inzicht in vrije werkplekken en mogelijkheid om ruimte flexibel te gebruiken, waarvoor de tools worden ingezet. Ook wordt gekeken naar toekomstige problemen, waarvoor de tools kunnen worden ingezet. Hierbij worden ook praktische aanbevelingen, zoals bijvoorbeeld het betrekken van de gebruikers, gedaan voor de implementatie. Tot slot volgt een discussie over privacy, ambities van de universiteiten en onderzoek gedaan door studenten.


Door het uitgebreide overzicht van gebruikte tools in binnen- en buitenland en de gestandaardiseerde manier van beschrijven, is het een erg nuttig boek. Zeker daar de campus voor studenten steeds belangrijker wordt en studenten meer tijd doorbrengen op de campus. Het geeft een goed beeld van de mogelijkheden, met bijbehorende voor- en nadelen. Naast een overzicht van mogelijke tools geeft het ook een goed beeld van de oplossingen, die het kan bieden. Ook is het goed te zien waar de verschillende organisaties staan in het inzetten van de tools om de verblijfskwaliteit op de campus te verbeteren.


Als projectleider voor de implementatie van de smart tool op de UvA is het waardevol om te zien dat andere universiteiten ook bezig zijn met dezelfde problematiek. Niet alleen geeft het een goed overzicht van de status bij de andere universiteiten, maar ook waar tegenaan gelopen kan worden. Dit richt zich met name op de technische en functionele uitdagingen, zoals bijvoorbeeld privacy en hoe hiermee om te gaan. Verder is het ook interessant om te zien wat de verschillende achtergronden zijn voor het gebruik van de smart campus tools. We willen allemaal onze gebouwen en beschikbare ruimte beter benutten en om dit te bereiken zijn verschillende manieren van aanpak mogelijk. Het is goed om hierbij van elkaar te kunnen leren.

Wat nog mist in het boek is meer inzicht in de besluitvorming bij de implementatie van smart campus tools. Vaak is het bijvoorbeeld erg lastig om vooraf een sluitende business case te maken, omdat de voordelen vooral kwalitatief zijn vooraf, wat zijn weerslag heeft op de besluitvorming. Ook kan het gebruik van de tools op de campus het gedrag van de gebruikers veranderen, wat ook invloed kan hebben op de baten. Voor de besluitvorming om te kiezen voor smart tools zijn dit belangrijke punten, die nog meer belicht kunnen worden.


Tot slot heb ik met veel plezier ook input mogen leveren voor het boek. Het eindresultaat kunnen we zeker gebruiken voor reflectie en de verdere doorontwikkeling van de inzet van smart tools.

Auteurs:

Bart Valks, Monique Arkesteijn en Alexandra den Heijer


Smart campus tools 2.0 is te bestellen à €40,- bij b.valks@tudelft.nl

David Quainoo

Projectmanager UvA/HvA Facility Services